Het is zaterdagavond.
Ik ga vanavond naar de bioscoop met een vriendin.
We gaan samen en ik haal haar op met de auto.
We rijden naar de stad en parkeren.
We moeten in de rij staan om een kaartje te kopen.
We kopen wat popcorn en gaan de zaal binnen.
De film begint gelijk.
Het is een spannende film en we gaan tevreden naar huis.