×

우리는 LingQ를 개선하기 위해서 쿠키를 사용합니다. 사이트를 방문함으로써 당신은 동의합니다 쿠키 정책.


image

Ivanhoe - van Walter Scott, DERTIENDE HOOFDSTUK

DERTIENDE HOOFDSTUK

En Agamemnon riep met luider stem: treedt voort,

O Helden! uit den kring, dien deze kamp bekoort;

Gij, die door meerdre kunde en kracht u durft verheffen,

Uw mededingers in vermaardheid te overtreffen,

Een maagd, de waarde wel van twintig ossen, wordt

De prijs voor hem, wiens pijl het verst door 't luchtruim snort.

Ilias.

Nauwelijks was de naam van Ivanhoe uitgesproken, of hij vloog van

mond tot mond met al de snelheid, welke belangstelling, door de

nieuwsgierigheid geprikkeld, er aan geven kon. Het duurde ook niet

lang, eer deze tijding den kring van den Prins bereikte, wiens gelaat

bij dit nieuws eene sombere uitdrukking aannam. Hij zag intusschen

spotachtig rond, en zeide: "Wel, mijn heeren, en gij vooral, heer Prior, wat denkt gij van de leer der geleerden over de sympathie

en antipathie? Mij dunkt ik bespeurde de tegenwoordigheid van den

gunsteling mijns broeders, zelfs eer ik nog gissen kon, wie onder

die wapenrusting schuilde." "Front-de-Boeuf moet zich gereed maken, zijn leengoed aan Ivanhoe terug te geven," zei De Bracy, die, na een eervol deel aan het toernooi te hebben genomen, schild en helm afgelegd, en zich weder onder het

gevolg van den Prins gemengd had.

"Ja," antwoordde Waldemar Fitzurse, "deze knaap zal waarschijnlijk het kasteel en het leen terug eischen, die Richard hem geschonken heeft,

en die uw Hoogheid sedert dien tijd de grootmoedigheid heeft gehad

aan Front-de-Boeuf te geven." "Front-de-Boeuf," hernam de Prins, "zou liever drie leengoederen, zooals dat van Ivanhoe, onder zich behouden, dan één er van

teruggeven. Voor het overige, mijne heeren, hoop ik, dat niemand

uwer mij het recht zal betwisten, de leengoederen der kroon aan die

trouwe dienaren te schenken, welke mij omringen, en gereed zijn den

gevergden krijgsdienst te verrichten, in plaats van hen, die naar

vreemde landen trekken, en hulde noch dienst kunnen bewijzen, als

zij opgeroepen worden." De toehoorders hadden al te veel belang bij deze vraag, om des

Prinsen recht niet voor onbetwistbaar te verklaren. "Een edelmoedige Vorst!--een edele meester, die zich dus belast met de zorg om zijne

getrouwe dienaren te beloonen!" Dit waren de woorden van zijn gevolg, daar zij allen soortgelijke

geschenken ten koste van Koning Richard's vrienden en gunstelingen verwachtten;--zoo zij die niet reeds in bezit hadden. Prior Aymer

zelf keurde dit over het algemeen goed, en maakte geene andere

aanmerking dan: "Het heilige Jeruzalem kan toch geen vreemd land genoemd worden. Het is de _communis mater_,--de moeder van alle

Christenen. Maar ik begrijp niet," voegde hij er bij, "hoe Ivanhoe zich daarop beroepen kan, daar men mij verzekert, dat de kruisvaarders

onder Richard nooit veel verder gekomen zijn dan Askalon, dat, zooals

ieder weet, een stad der Philistijnen is, en op geen der voorrechten

van de Heilige Stad aanspraak kan maken." Waldemar, wiens nieuwsgierigheid hem naar de plaats gevoerd had, waar

Ivanhoe ter aarde was gevallen, keerde nu terug. "De dappere ridder," zeide hij, "zal denkelijk uwe Hoogheid niet veel ongerustheid baren, en Front-de-Boeuf in het ongestoord bezit van zijn leen laten:--hij

is zwaar gekwetst." "Wat er ook van worden moge," zei Prins Jan, "hij is heden overwinnaar; en al is hij tienmaal onze vijand, of de getrouwste vriend van mijn

broeder, hetgeen misschien hetzelfde is, zijne wonden moeten toch

verbonden worden;--onze eigene heelmeester zal hem bezoeken." Een bittere glimlach vergezelde deze woorden. Waldemar Fitzurse haastte

zich te antwoorden, dat Ivanhoe reeds uit het strijdperk gebracht,

en in handen van zijne vrienden was.

"Ik was eenigszins aangedaan," zeide hij, "over de smart van de Koningin der Schoonheid en der Liefde, wier ééndaagsche heerschappij

door dit voorval in rouw gedompeld is. Ik ben er de man niet naar,

om door de weeklachten eener vrouw over haar minnaar getroffen te

worden: maar deze Jonkvrouw Rowena onderdrukte haar smart met zooveel

waardigheid, dat men die alleen aan het beven van haar gevouwen handen

kon zien, terwijl haar oog zonder tranen op den bewusteloozen ridder

voor haar voeten staarde." "Wie is die Jonkvrouw Rowena," vroeg Prins Jan, "van wie wij zooveel gehoord hebben?" "Een Saksische erfdochter, met groote bezittingen," hernam Prior Aymer; "eene roos in beminnelijkheid, en een juweel in rijkdom, de schoonste onder duizenden, kostbaar als de kostbaarste reukwerken

van het Oosten." "Wij zullen hare droefheid verzachten," zei Prins Jan, "en haar bloed veredelen door haar aan een Normandiër uit te huwen. Zij schijnt

minderjarig te zijn, en moet dus, wat haar huwelijk aangaat, ter

onzer beschikking staan.--Wat zegt gij er van, De Bracy? Zou het u

bevallen, door een huwelijk met dit Saksisch meisje schoone landerijen

en inkomsten te verkrijgen, volgens de gewoonte der aanhangers van

den Veroveraar?" "Als de landerijen mij bevallen," antwoordde De Bracy, "dan zal de bruid mij niet licht mishagen; en ik zal mij ten hoogste verplicht

achten jegens uw Hoogheid voor eene weldaad, welke alle beloften zal

vervullen, die gij uw dienaar en leenman gedaan hebt." "Wij zullen het niet vergeten," zei Prins Jan; "en om dadelijk een begin te maken, bevelen wij onzen seneschal, om Jonkvrouw Rowena

en haar gezelschap te weten: den lompen boer, haar voogd, en den

Saksischen stier, welken de Zwarte Ridder in het toernooi ter

nedervelde, op het feest van dezen avond te noodigen." "De Bigot," voegde hij er bij, zich tot zijn seneschal wendende, "gij zult deze tweede uitnoodiging zoo beleefd doen, dat gij den hoogmoed van deze Saksers niet kwetst, en het hun onmogelijk wordt

nog eens te weigeren; ofschoon, bij Beckets beenderen, hun beleefdheid

te bewijzen, hetzelfde is als paarlen voor de zwijnen te werpen!" Prins Jan had zoo ver gesproken, en was op het punt, om het teeken

tot het verlaten van het strijdperk te geven, toen hem een klein

briefje in de hand gegeven werd.

"Van waar?" zei Prins Jan, den man aanziende, die het overhandigde.

"Uit vreemde landen, mijn vorst, maar van waar, dat weet ik niet," hernam de dienaar. "Een Franschman heeft het gebracht, zeggende, dat hij dag en nacht doorgereisd had, om het briefje in handen uwer

Hoogheid te bezorgen." De Prins zag nauwkeurig naar het opschrift en toen naar het zegel,

hetwelk er op gedrukt was, dat het den zijden draad vasthield,

waarmede het papier omwonden was: er stonden drie leliën op. De Prins

opende hierop het briefje met blijkbare ontroering, die merkelijk

vermeerderde, toen hij den inhoud gelezen had, welke aldus luidde:

"_Neem u in acht; want de Duivel zelf is los!_" De Prins werd doodsbleek, zag eerst naar den grond, en toen naar den

hemel, als iemand, die zijn doodvonnis gehoord heeft. Van de eerste

ontroering herstellende, nam hij Waldemar Fitzurse en De Bracy ter

zijde, en stelde hun het briefje beurtelings ter hand.

"Het kan een valsch gerucht zijn,--of een valsche brief!" zei De Bracy.

"Het is hand en zegel van den Franschen Koning!" hernam Prins Jan.

"Dan wordt het tijd," zei Fitzurse, "onze vrienden te verzamelen, hetzij te York of op een andere plaats. Een paar dagen later zou

het wezenlijk te laat zijn. Uwe Hoogheid moet aan het tegenwoordig

vreugdebedrijf spoedig een einde maken." "Het volk en de landlieden," zei de Bracy, "moeten niet ontevreden naar huis gezonden worden; zij hebben nog geen deel aan het feest gehad." "De dag," zeide Waldemar, "is nog niet zeer ver gevorderd--laat de schutters eenige malen naar de schijf schieten, en de prijs uitgedeeld

worden. Dat zal toereikend zijn om de beloften van den Prins te

vervullen voor zoo verre deze Saksische boeren er mede gemoeid zijn." "Ik dank u, Waldemar," hervatte de Prins; "gij herinnert mij ook, dat ik een schuld te betalen heb aan den onbeschaamden boer, die mij

gisteren persoonlijk beleedigde. Onze maaltijd zal heden avond plaats

hebben, zooals wij van plan waren. Al was dit het laatste uur mijner

macht, dan zou het gewijd zijn aan wraak en vermaak!--De nieuwe morgen

brengt nieuwe zorgen." Trompetgeschal riep spoedig de toeschouwers terug, die reeds begonnen

waren het veld te ontruimen:--er werd afgekondigd, dat Prins Jan,

plotseling door gewichtige en dringende zaken geroepen, het feest

van den volgenden dag niet vieren kon; dat echter,--daar hij niet

wilde, dat zoo vele goede schutters zouden vertrekken, zonder een

bewijs van hunne behendigheid te geven,--het hem behaagde, het tegen

den volgenden dag bepaalde boogschieten op heden te stellen. Voor

den besten schutter werd een prijs uitgeloofd, bestaande uit een

jachthoorn, met zilver beslagen, en een zijden rijk versierde sjerp,

met een medaillon van St. Hubertus, den beschermheilige der jagers.

Er boden zich eerst meer dan dertig schutters als mededingers aan,

waaronder verscheidene houtvesters en onderopzichters in de koninklijke

bosschen van Needwood en Charnwood. Toen de boogschutters echter

vernamen met wie zij den kampstrijd moesten wagen, zagen ruim twintig

er weder van af, om de schande van een bijna zekere nederlaag te

ontgaan. Want in die dagen was de behendigheid van iederen beroemden

schutter even goed verscheidene mijlen in het rond bekend, als heden

ten dage de eigenschappen van een paard, dat te Newmarket gefokt is,

bekend zijn aan hen, die deze beroemde renbaan bezoeken.

De verminderde lijst der mededingers om den prijs, bevatte nog

acht namen. Prins Jan stapte van zijn koninklijken zetel af, om deze

uitgelezen schutters van naderbij te beschouwen, van welke verscheidene

de koninklijke livrei droegen. Zijn nieuwsgierigheid door dit onderzoek

bevredigd hebbende, zag hij naar het voorwerp van zijn toorn rond,

dat hij op dezelfde plaats zag staan en met hetzelfde bedaarde gelaat,

dat hij den vorigen dag getoond had.

"Vriend," zei Prins Jan, "ik bespeurde reeds gisteren aan uw onbeschaamd gesnap, dat gij eigenlijk geen echte liefhebber van den

boog waart, en ik zie, dat gij het niet durft wagen uwe kunst te

toonen tegen de fiksche mannen, die hier staan." "Met verlof, mijn Vorst!" hernam de schutter. "Ik heb een geheel andere reden om niet te willen schieten, dan vrees voor de schande

van overwonnen te worden." "En welke is die andere reden?" vroeg Prins Jan, die, om de eene of

andere oorzaak, welke hij mogelijk zelf niet had kunnen verklaren,

een angstige nieuwsgierigheid ten opzichte van dezen man gevoelde.

"Omdat ik niet weet," hernam de jager, "of deze schutters en ik gewoon zijn naar hetzelfde wit te schieten;--en te meer, daar ik niet weet,

hoe uw Hoogheid het zou opnemen, wanneer een derde prijs door iemand

gewonnen werd, die buiten zijn schuld bij u in ongenade gevallen is." Prins Jan kleurde, terwijl hij vroeg: "Hoe is uw naam, schutter?" "Locksley," antwoordde deze. "Welaan dan, Locksley," zei Prins Jan, "gij zult op uwe beurt schieten, als deze schutters hunne kunst getoond hebben. Als gij den prijs wint,

zal ik er twintig _Nobles_ bij doen; maar als gij verliest, dan zal

uw groene rok u worden uitgetrokken, en gij zult met boogpezen, als

een praatzieke en onbeschaamde pochhans, in het strijdperk gegeeseld

worden." "En als ik nu weigerde zulke voorwaarden aan te nemen?" zei de

schutter. "Uwe Hoogheid kan mij gemakkelijk laten uitkleeden en geeselen, daar uwe macht door zoo vele gewapenden wordt ondersteund;

maar gij kunt mij niet dwingen mijn boog te spannen." "Als gij mijn billijk aanbod afslaat," zei de Prins, "dan zal de Provoost van het strijdperk uw boogpees doorsnijden, uw boog en uw

pijlen breken, en u zelven als een lafaard wegjagen." "Dat is een mooie kans, die gij mij overlaat, verhevene Prins," zei de schutter, "mij te dwingen, het tegen de beste schutters van Leicester en Staffordshire op te nemen, onder bedreiging van schimp en schande

als zij mij overwinnen. Evenwel, ik zal aan uw bevel gehoorzamen." "Slaat hem nauwkeurig gade," zei Prins Jan tot de gewapenden, "de moed ontzinkt hem; ik vrees dat hij trachten zal aan de proef te ontsnappen.--En gij, brave jongens, schiet moedig; een reebok

en een vat wijn zijn in gindsche tent ter uwer verversching gereed,

zoodra de prijs gewonnen is." Aan het einde van de zuidelijke laan, die naar het strijdperk

leidde, werd een schijf opgericht. De mededingende boogschutters

namen beurtelings plaats aan den zuidelijken toegang; de afstand

tusschen deze plaats en het wit was groot genoeg voor hetgeen men

een jagersschot noemde. De schutters, na vooraf door het lot de

orde, in welke zij schieten zouden, bepaald te hebben, moesten ieder

drie pijlen achtereen afschieten. Dit alles werd geregeld door een

officier van minderen rang: de Provoost der Spelen genoemd; want

de hooge rang der maarschalken van het strijdperk gedoogde niet,

dat zij het opzicht hadden over de spelen der burgers.

De schutters, voorwaarts tredende, schoten hunne pijlen stout en flink,

één voor één af. Van vierentwintig pijlen zaten tien in de schijf,

en de anderen vielen zoo dicht er bij, dat, naar den afstand te

rekenen, het voor goede schoten gelden konden. Van de tien pijlen,

die de schijf getroffen hadden, waren twee in den binnensten ring

geschoten door Hubert, een houtvester in dienst van Malvoisin, die

dus als overwinnaar uitgeroepen werd.

"Wel nu, Locksley," zei Prins Jan met een bitteren glimlach tot den gehaten schutter, "wilt gij het met Hubert opnemen, of boog, sjerp en pijlkoker aan den Provoost der Spelen overgeven?" "Daar het niet anders kan," hernam Locksley, "wil ik mijn geluk wel beproeven, onder voorwaarde, dat wanneer ik twee pijlen op dezelfde

schijf als Hubert geschoten heb, hij gehouden zal zijn er één te

schieten op een wit, dat ik zal aanwijzen." "Dat is niet meer dan billijk," antwoordde Prins Jan, "en het zal u niet geweigerd worden.--Als gij dien snoever overwint, Hubert,

zal ik den horen met zilveren penningen voor u vullen." "Een man kan niet meer dan zijn best doen," hernam Hubert; "maar mijn grootvader voerde een goeden boog bij Hastings, en ik vertrouw,

dat ik zijne nagedachtenis niet zal onteeren." De vorige schijf werd weggenomen, en een andere van dezelfde grootte

opgezet. Hubert, die als overwinnaar in den eersten strijd, het recht

had, het eerst te schieten, mikte met groote bedaardheid, den afstand

lang met de oogen metende; terwijl hij zijn gespannen boog in de

hand hield, met den pijl op het koord geplaatst. Eindelijk deed hij

een schrede voorwaarts, en den boog met den uitgestrekten linkerarm

oplichtende, tot het middelpunt er van bijna op gelijke hoogte met

zijn gezicht kwam, trok hij de pees van den boog tot aan het oor. De

pijl snorde door de lucht, en trof den binnensten ring op de schijf,

maar niet juist in het midden.

"Gij hebt aan den wind niet gedacht, Hubert," zei zijn tegenpartij, den boog spannende, "anders zou het een beter schot geweest zijn." Dit zeggende, en zonder zich de minste moeite te geven om vooraf op

het wit te staren, ging Locksley naar de aangewezen standplaats, en

schoot zijn pijl even zorgeloos af, alsof hij niet eens naar het wit

gezien had. Hij sprak nog bijna op het oogenblik, dat de pijl wegvloog,

en toch trof die twee duim dichter bij de witte plek op het middelpunt,

dan die van Hubert.

"Bij het licht des hemels!" riep Prins Jan tegen Hubert, "zoo gij duldt, dat deze landlooper u de loef afsteekt, dan verdient gij

de galg!" Hubert had maar ééne vaste spreekwijze bij alle gelegenheden. "En al liet uw Hoogheid mij ophangen, een man kan niet meer dan zijn best

doen. Echter was mijn grootvader met den boog--" "De duivel hale uw grootvader en zijn geheele geslacht!" viel de

Prins hem in de rede. "Schiet, ongelukkige, en schiet goed, of het zal u kwalijk bekomen!" Zoo aangespoord, trad Hubert weder voor, en den raad niet verzuimende,

dien zijne tegenpartij hem had gegeven, maakte hij het noodige gebruik

van een zeer licht opkomend windje, en schoot zoo gelukkig, dat zijn

pijl juist in het middelpunt van het wit trof.

"Hubert leve! Leve Hubert!" riep het volk, dat meer belang stelde

in een bekende dan in een vreemdeling. "In het midden!--in het midden! Leve Hubert!" "Gij kunt dat schot niet overtreffen, Locksley," zei de Prins met een spotachtigen glimlach.

"Ik zal echter zijn pijl raken," hervatte Locksley. En zijn pijl met

meer voorzichtigheid dan te voren afschietende, trof hij juist dien

van zijn mededinger, die in splinters vloog. Het volk in het rond was

zoo verbaasd over zijne verwonderlijke behendigheid, dat het zijne

verrassing zelfs niet op de gewone luidruchtige wijze kon uitdrukken.

"Dit moet de duivel zijn en geen mensch van vleesch en bloed," fluisterden de schutters elkander toe. "Zulk schieten is nog nooit gezien, zoo lang men een boog in Groot-Brittanje gespannen heeft." "En nu," zei Locksley, "vraag ik uwe Hoogheid verlof om een wit op te richten, dat in de noordelijke gewesten gebruikt wordt,--en welkom

ieder brave schutter, die er een schot op wagen wil, om een glimlach

te verdienen van het meisje dat hij lief heeft!" Hij draaide zich om, ten einde het strijdperk te verlaten. "Laten uw wachters mij vergezellen," zei hij, "zoo gij verkiest.--Ik wil maar even een tak van gindschen wilgenboom afsnijden." Prins Jan gaf een teeken, dat eenige wachters hem volgen

zouden, ingeval hij ontsnappen wilde; maar het geschreeuw van:

"Schande! Schande!" dat de menigte verhief, deed hem van zijn

onedelmoedig voornemen afzien.

Locksley kwam dadelijk terug met een wilgentak omtrent zes voet lang,

volkomen recht en van de dikte van eens menschen duim. Hij schilde dien

met veel bedaardheid af, tegelijk aanmerkende, dat het schande voor

een goeden schutter was, naar een wit te schieten zoo breed als dat,

hetwelk men tot hiertoe gebruikt had. "Wat hem betrof," voegde hij er bij, "en in het land, waar hij was opgevoed, zou men even gaarne Koning Arthurs ronde tafel, waaraan zestig ridders konden zitten, tot schijf

nemen. Een kind van zeven jaren kon zoo iets met een pijl zonder kop

treffen; maar," ging hij voort, bedaard naar het andere einde van het strijdperk gaande, en het wilgenstokje recht in den grond zettende,

"hem, die deze roede op honderd ellen afstands treft, noem ik een schutter, waardig om boog en pijlkoker te dragen voor een Koning,

al ware het ook de dappere Koning Richard zelf!" "Mijn grootvader," zei Hubert, "spande een goeden boog bij den slag van Hastings, en heeft nooit van zijn leven naar zulk wit geschoten,

en dat doe ik ook niet. Als deze schutter dien stok kan klieven, dan

beken ik mij door hem, of liever door den duivel, die in zijn wambuis

zit, en niet door menschelijke behendigheid, overwonnen; een mensch kan

niet meer dan zijn best doen, en ik wil niet schieten, waar ik zeker

ben te missen. Ik kon even goed schieten naar de snede van het lange

mes van den Pastoor, of naar een stroohalm, of naar een zonnestraal,

als naar een dunne witte streep, die ik nauwelijks zien kan." "Lafhartige hond!" riep Prins Jan uit. "Locksley, schiet gij maar; en als gij zulk een wit raakt, dan zal ik zeggen, dat gij de eerste

schutter zijt, die het ooit gedaan heeft. Maar hoe het ook zij,

gij zult geen koning kraaien door slechts te pochen op behendigheid." "Ik zal mijn best doen, zooals Hubert zegt," antwoordde Locksley; "niemand kan meer." Dit zeggende, spande hij weder den boog, maar bij deze gelegenheid

zag hij aandachtig naar zijn wapen en veranderde de pees, die niet

meer zuiver rond was, daar zij door de twee vorige schoten een weinig

gescheurd was. Hij mikte toen met eenig overleg, en de menigte wachtte

de uitkomst in doodelijke stilte af. De schutter beantwoordde aan hun

verwachting van zijn behendigheid: zijn pijl spleet de wilgenroede,

tegen welke hij gericht was. Een luid vreugdegejuich volgde, en zelfs

Prins Jan verloor uit bewondering voor Locksley's behendigheid zijn afkeer tegen zijn persoon.

"Deze twintig _Nobles_," zei hij, "welke gij met den hoorn eerlijk gewonnen hebt, behooren u toe; wij zullen er vijftig van maken,

zoo gij onze livrei wilt dragen, en dienst nemen als schutter bij

de lijfwacht, die steeds in mijne onmiddellijke nabijheid is. Want

nooit heeft een zoo sterke hand een boog gespannen, of een zoo vast

oog een pijl gericht." "Vergeef mij, edele Prins," zei Locksley; "maar ik heb een gelofte gedaan, dat, zoo ik ooit dienst nam, het bij uw koninklijken broeder

Richard zou zijn. Deze twintig _Nobles_ laat ik aan Hubert over,

die heden een even goeden boog gespannen heeft, als zijn grootvader

bij Hastings. Zoo zijne zedigheid de proef niet geweigerd had, zou

hij het stokje even goed geraakt hebben, als ik." Hubert schudde het hoofd, terwijl hij de milde gave van den vreemdeling

aarzelend aannam; en Locksley, begeerig om verdere nasporing te

ontgaan, begaf zich onder de menigte, en liet zich niet meer zien.

De zegepralende boogschutter zou misschien niet zoo gemakkelijk aan

des Prinsen opmerkzaamheid ontsnapt zijn, indien niet vele angstige

en gewichtige overdenkingen op dit oogenblik zijn gemoed verontrust

hadden. Hij riep zijn kamerheer, terwijl hij het teeken tot het

verlaten van het strijdperk gaf, en beval hem oogenblikkelijk naar

Ashby te jagen en den Jood Izaäk op te zoeken. "Zeg den hond," zei hij, "mij morgen vóór zonsondergang twee duizend kronen te zenden. Hij kent

het onderpand; maar gij kunt hem dezen ring tot teeken toonen. Het

overige geld moet binnen zes dagen te York betaald worden. Indien hij

het verzuimt, zal ik den ongeloovigen hond het hoofd laten afslaan. Pas

op, dat gij hem onderweg niet voorbijrijdt; want de ellendige slaaf was

hier, om zijn gestolen rijkdommen zelfs onder mijn oogen te vertoonen." Met deze woorden steeg de Prins weder te paard, en keerde naar Ashby

terug, terwijl de geheele menigte bij zijn vertrek uiteen ging en

zich overal verspreidde.


DERTIENDE HOOFDSTUK THIRTEENTH CHAPTER

En Agamemnon riep met luider stem: treedt voort, And Agamemnon cried with a louder voice: tread forth,

O Helden! O Heroes! uit den kring, dien deze kamp bekoort; From the circle, which this camp charms;

Gij, die door meerdre kunde en kracht u durft verheffen, Thou who by meerdre skill and strength dost exalt thee,

Uw mededingers in vermaardheid te overtreffen, Surpassing your contenders in renown,

Een maagd, de waarde wel van twintig ossen, wordt A virgin, the worth as much as twenty oxen, becomes

De prijs voor hem, wiens pijl het verst door 't luchtruim The prize for him whose arrow goes farthest through the sky snort. snort.

Ilias. Iliad.

Nauwelijks was de naam van Ivanhoe uitgesproken, of hij vloog van Hardly had Ivanhoe's name been spoken, or he flew from

mond tot mond met al de snelheid, welke belangstelling, door de mouth to mouth with all the speed, which interest, by the

nieuwsgierigheid geprikkeld, er aan geven kon. curiosity piqued, could give to it. Het duurde ook niet Nor did it take

lang, eer deze tijding den kring van den Prins bereikte, wiens gelaat long, before this tidings reached the circle of the Prince, whose countenance

bij dit nieuws eene sombere uitdrukking aannam. at this news took on a somber expression. Hij zag intusschen Meanwhile, he saw

spotachtig rond, en zeide: "Wel, mijn heeren, en gij vooral, heer mockingly around, and said, "Well, my lords, and you especially, lord Prior, wat denkt gij van de leer der geleerden over de sympathie Prior, what thinkest thou of the scholars' teaching on sympathy

en antipathie? And antipathy? Mij dunkt ik bespeurde de tegenwoordigheid van den I think I detected the presence of the

gunsteling mijns broeders, zelfs eer ik nog gissen kon, wie onder favorite of my brothers, even before I could still guess, who among

die wapenrusting schuilde." that armor sheltered." "Front-de-Boeuf moet zich gereed maken, zijn leengoed aan Ivanhoe terug "Front-de-Boeuf must get ready, return his fief to Ivanhoe te geven," zei De Bracy, die, na een eervol deel aan het toernooi to give," said De Bracy, who, after taking an honorable part in the tournament te hebben genomen, schild en helm afgelegd, en zich weder onder het having taken, discarded shield and helmet, and rejoined under the

gevolg van den Prins gemengd had. entourage of the Prince had mingled.

"Ja," antwoordde Waldemar Fitzurse, "deze knaap zal waarschijnlijk het "Yes," replied Waldemar Fitzurse, "this lad will probably have the kasteel en het leen terug eischen, die Richard hem geschonken heeft, castle and claim back the fief, which Richard gave him,

en die uw Hoogheid sedert dien tijd de grootmoedigheid heeft gehad and which your Highness has had the magnanimity since that time

aan Front-de-Boeuf te geven." to Front-de-Boeuf." "Front-de-Boeuf," hernam de Prins, "zou liever drie leengoederen, "Front-de-Boeuf," resumed the Prince, "would rather have three fiefdoms, zooals dat van Ivanhoe, onder zich behouden, dan één er van such as that of Ivanhoe, retain among them, than one of

teruggeven. return. Voor het overige, mijne heeren, hoop ik, dat niemand For the rest, my lords, I hope no one will

uwer mij het recht zal betwisten, de leengoederen der kroon aan die yours will dispute to me the right, the fiefdoms of the crown to those

trouwe dienaren te schenken, welke mij omringen, en gereed zijn den faithful servants, who surround me, and are ready to give the

gevergden krijgsdienst te verrichten, in plaats van hen, die naar required to perform military service, rather than those, who went to

vreemde landen trekken, en hulde noch dienst kunnen bewijzen, als draw foreign lands, and cannot pay tribute nor service, if

zij opgeroepen worden." they are called." De toehoorders hadden al te veel belang bij deze vraag, om des The audience was already too interested in this question to des

Prinsen recht niet voor onbetwistbaar te verklaren. Prinsen law not to be declared unquestionable. "Een edelmoedige "A generous Vorst!--een edele meester, die zich dus belast met de zorg om zijne Sovereign!--a noble master, thus charged with the care of his

getrouwe dienaren te beloonen!" reward faithful servants!" Dit waren de woorden van zijn gevolg, daar zij allen soortgelijke These were the words of his entourage, as they all had similar

geschenken ten koste van Koning Richard's vrienden en gunstelingen gifts at the expense of King Richard's friends and minions verwachtten;--zoo zij die niet reeds in bezit hadden. expected;--if they did not already possess them. Prior Aymer Prior Aymer

zelf keurde dit over het algemeen goed, en maakte geene andere himself generally approved of this, and made no other

aanmerking dan: "Het heilige Jeruzalem kan toch geen vreemd land consideration then, "Surely the holy Jerusalem cannot be a foreign land genoemd worden. mentioned. Het is de _communis mater_,--de moeder van alle It is the _communis mater_,---the mother of all

Christenen. Christians. Maar ik begrijp niet," voegde hij er bij, "hoe Ivanhoe But I don't understand," he added, "how Ivanhoe zich daarop beroepen kan, daar men mij verzekert, dat de kruisvaarders can rely on this, since I am assured that the Crusaders

onder Richard nooit veel verder gekomen zijn dan Askalon, dat, zooals under Richard never got much further than Askalon, which, as

ieder weet, een stad der Philistijnen is, en op geen der voorrechten everyone knows, is a city of Philistines, and on none of the privileges

van de Heilige Stad aanspraak kan maken." of the Holy City can claim." Waldemar, wiens nieuwsgierigheid hem naar de plaats gevoerd had, waar Waldemar, whose curiosity had led him to the place, where

Ivanhoe ter aarde was gevallen, keerde nu terug. Ivanhoe had fallen to earth, now returned. "De dappere ridder," "The brave knight," zeide hij, "zal denkelijk uwe Hoogheid niet veel ongerustheid baren, he said, "will probably not cause your Highness much concern, en Front-de-Boeuf in het ongestoord bezit van zijn leen laten:--hij and leaving Front-de-Boeuf in the undisturbed possession of his fief:--he

is zwaar gekwetst." is badly hurt." "Wat er ook van worden moge," zei Prins Jan, "hij is heden overwinnaar; "Whatever may become of it," said Prince John, "he is victorious today; en al is hij tienmaal onze vijand, of de getrouwste vriend van mijn and though he is ten times our enemy, or the truest friend of my

broeder, hetgeen misschien hetzelfde is, zijne wonden moeten toch brother, which may be the same thing, his wounds must nevertheless be

verbonden worden;--onze eigene heelmeester zal hem bezoeken." be connected;--our own surgeon will visit him." Een bittere glimlach vergezelde deze woorden. A bitter smile accompanied these words. Waldemar Fitzurse haastte Waldemar Fitzurse rushed

zich te antwoorden, dat Ivanhoe reeds uit het strijdperk gebracht, replying, that Ivanhoe had already been brought out of the battlefield,

en in handen van zijne vrienden was. and was in the hands of his friends.

"Ik was eenigszins aangedaan," zeide hij, "over de smart van de "I was somewhat affected," he said, "at the anguish of the Koningin der Schoonheid en der Liefde, wier ééndaagsche heerschappij Queen of Beauty and of Love, whose one-day reign

door dit voorval in rouw gedompeld is. has been plunged into mourning by this incident. Ik ben er de man niet naar, I'm not the man for it,

om door de weeklachten eener vrouw over haar minnaar getroffen te to be affected by the lamentations of a woman about her lover

worden: maar deze Jonkvrouw Rowena onderdrukte haar smart met zooveel be: but this Lady Rowena suppressed her grief with so much

waardigheid, dat men die alleen aan het beven van haar gevouwen handen dignity, that one can tell it only from the trembling of her folded hands

kon zien, terwijl haar oog zonder tranen op den bewusteloozen ridder could see, while her tearless eye was on the unconscious knight

voor haar voeten staarde." stared at her feet." "Wie is die Jonkvrouw Rowena," vroeg Prins Jan, "van wie wij zooveel "Who is this Lady Rowena," asked Prince John, "of whom we have heard so much gehoord hebben?" heard?" "Een Saksische erfdochter, met groote bezittingen," hernam Prior "A Saxon heiress, with great possessions," reiterated Prior Aymer; "eene roos in beminnelijkheid, en een juweel in rijkdom, de Aymer; "a rose in loveliness, and a jewel in wealth, the schoonste onder duizenden, kostbaar als de kostbaarste reukwerken most beautiful among thousands, precious as the most precious colognes

van het Oosten." of the East." "Wij zullen hare droefheid verzachten," zei Prins Jan, "en haar bloed "We will ease her sadness," said Prince John, "and her blood veredelen door haar aan een Normandiër uit te huwen. ennoble by marrying her off to a Norman. Zij schijnt She seems

minderjarig te zijn, en moet dus, wat haar huwelijk aangaat, ter to be a minor, and must therefore, as far as her marriage is concerned, be ter

onzer beschikking staan.--Wat zegt gij er van, De Bracy? our disposal.--What say ye to it, De Bracy? Zou het u Would you

bevallen, door een huwelijk met dit Saksisch meisje schoone landerijen give birth, by marriage to this Saxon girl beautiful lands

en inkomsten te verkrijgen, volgens de gewoonte der aanhangers van and income, according to the custom of the followers of

den Veroveraar?" the Conqueror?" "Als de landerijen mij bevallen," antwoordde De Bracy, "dan zal de "If the lands please me," De Bracy replied, "then the bruid mij niet licht mishagen; en ik zal mij ten hoogste verplicht bride do not lightly displease me; and I shall be at most obliged

achten jegens uw Hoogheid voor eene weldaad, welke alle beloften zal esteem towards your Highness for a beneficence, which all promises will

vervullen, die gij uw dienaar en leenman gedaan hebt." fulfill, which thou hast done thy servant and feudal man." "Wij zullen het niet vergeten," zei Prins Jan; "en om dadelijk een "We will not forget it," said Prince John; "and to have an immediate begin te maken, bevelen wij onzen seneschal, om Jonkvrouw Rowena beginning, we order our seneschal, to give Jonkvrouw Rowena

en haar gezelschap te weten: den lompen boer, haar voogd, en den and her company to wit: the ragged farmer, her guardian, and the

Saksischen stier, welken de Zwarte Ridder in het toernooi ter Saxon bull, whom the Black Knight in the tournament to

nedervelde, op het feest van dezen avond te noodigen." nedervelde, at this evening's feast." "De Bigot," voegde hij er bij, zich tot zijn seneschal wendende, "The Bigot," he added, turning to his seneschal, "gij zult deze tweede uitnoodiging zoo beleefd doen, dat gij den "thou shalt make this second invitation so politely, that thou shalt make the hoogmoed van deze Saksers niet kwetst, en het hun onmogelijk wordt pride of these Saxons not hurt, and it becomes impossible for them

nog eens te weigeren; ofschoon, bij Beckets beenderen, hun beleefdheid refuse again; although, with Beckett's bones, their politeness

te bewijzen, hetzelfde is als paarlen voor de zwijnen te werpen!" to prove, is the same as throwing pearls before swine!" Prins Jan had zoo ver gesproken, en was op het punt, om het teeken Prince John had spoken so far, and was about to, to sign

tot het verlaten van het strijdperk te geven, toen hem een klein to leave the arena of battle, when a small

briefje in de hand gegeven werd. bill was given in hand.

"Van waar?" "From where?" zei Prins Jan, den man aanziende, die het overhandigde. said Prince John, looking at the man who handed it over.

"Uit vreemde landen, mijn vorst, maar van waar, dat weet ik niet," "From foreign lands, my sovereign, but from where, I know not," he said. hernam de dienaar. resumed the servant. "Een Franschman heeft het gebracht, zeggende, "A Frenchman brought it, saying, dat hij dag en nacht doorgereisd had, om het briefje in handen uwer that he had traveled day and night, to get the bill into the hands of your

Hoogheid te bezorgen." Highness to deliver." De Prins zag nauwkeurig naar het opschrift en toen naar het zegel, The Prince looked carefully at the inscription and then at the seal,

hetwelk er op gedrukt was, dat het den zijden draad vasthield, which was printed on it, holding the silk thread,

waarmede het papier omwonden was: er stonden drie leliën op. With which the paper was wrapped: there were three lilies on it. De Prins The Prince

opende hierop het briefje met blijkbare ontroering, die merkelijk Upon this, opened the bill with apparent emotion, which noticeably

vermeerderde, toen hij den inhoud gelezen had, welke aldus luidde: multiplied, when he had read the contents, which read thus:

"_Neem u in acht; want de Duivel zelf is los!_" "_Please take heed; for the Devil himself is loose! _" De Prins werd doodsbleek, zag eerst naar den grond, en toen naar den The Prince turned deathly pale, looked first at the ground, and then at the

hemel, als iemand, die zijn doodvonnis gehoord heeft. heaven, as one who has heard his death sentence. Van de eerste From the first

ontroering herstellende, nam hij Waldemar Fitzurse en De Bracy ter recovering emotion, he took Waldemar Fitzurse and De Bracy at

zijde, en stelde hun het briefje beurtelings ter hand. side, and handed them the bill in turn.

"Het kan een valsch gerucht zijn,--of een valsche brief!" "It could be a false rumor,--or a false letter!" zei De Bracy. De Bracy said.

"Het is hand en zegel van den Franschen Koning!" "It is hand and seal of the French King!" hernam Prins Jan. resumed Prince John.

"Dan wordt het tijd," zei Fitzurse, "onze vrienden te verzamelen, "Then it is time," Fitzurse said, "to gather our friends, hetzij te York of op een andere plaats. either at York or some other place. Een paar dagen later zou A few days later

het wezenlijk te laat zijn. it be substantially too late. Uwe Hoogheid moet aan het tegenwoordig Your Highness must be at the present

vreugdebedrijf spoedig een einde maken." joy company soon come to an end." "Het volk en de landlieden," zei de Bracy, "moeten niet ontevreden naar "The people and the countrymen," said de Bracy, "should not go unsatisfied to huis gezonden worden; zij hebben nog geen deel aan het feest gehad." be sent home; they have not yet had any part in the feast." "De dag," zeide Waldemar, "is nog niet zeer ver gevorderd--laat de "The day," Waldemar said, "is not yet very far advanced--let the schutters eenige malen naar de schijf schieten, en de prijs uitgedeeld shooters shoot to the disc several times, and the prize handed out

worden. Becoming. Dat zal toereikend zijn om de beloften van den Prins te That will be sufficient to fulfill the Prince's promises to

vervullen voor zoo verre deze Saksische boeren er mede gemoeid zijn." fulfill as far as these Saxon farmers are concerned." "Ik dank u, Waldemar," hervatte de Prins; "gij herinnert mij ook, "I thank you, Waldemar," resumed the Prince; "you remember me too, dat ik een schuld te betalen heb aan den onbeschaamden boer, die mij That I have a debt to pay to the insolent farmer, who gave me

gisteren persoonlijk beleedigde. personally beleaguered yesterday. Onze maaltijd zal heden avond plaats Our meal will take place this evening

hebben, zooals wij van plan waren. have, as we intended. Al was dit het laatste uur mijner Though this was the last hour of my

macht, dan zou het gewijd zijn aan wraak en vermaak!--De nieuwe morgen power, then it would be devoted to revenge and entertainment!--The New Morning

brengt nieuwe zorgen." brings new concerns." Trompetgeschal riep spoedig de toeschouwers terug, die reeds begonnen Trump soon called back the spectators, who had already started

waren het veld te ontruimen:--er werd afgekondigd, dat Prins Jan, were to clear the field:--it was proclaimed, that Prince Jan,

plotseling door gewichtige en dringende zaken geroepen, het feest suddenly called by weighty and urgent matters, the party

van den volgenden dag niet vieren kon; dat echter,--daar hij niet of the following day could not celebrate; that, however,--since he did not

wilde, dat zoo vele goede schutters zouden vertrekken, zonder een wanted so many good archers to leave, without a

bewijs van hunne behendigheid te geven,--het hem behaagde, het tegen give proof of their dexterity,--it pleased him, the against

den volgenden dag bepaalde boogschieten op heden te stellen. set the next day's certain archery on the present. Voor For

den besten schutter werd een prijs uitgeloofd, bestaande uit een the best shooter was awarded a prize consisting of a

jachthoorn, met zilver beslagen, en een zijden rijk versierde sjerp, hunting horn, studded with silver, and a silk richly decorated sash,

met een medaillon van St. With a medallion of St. Hubertus, den beschermheilige der jagers. Hubertus, the patron saint of hunters.

Er boden zich eerst meer dan dertig schutters als mededingers aan, More than 30 shooters offered themselves as contenders at first,

waaronder verscheidene houtvesters en onderopzichters in de koninklijke including several foresters and under-supervisors in the royal

bosschen van Needwood en Charnwood. woods of Needwood and Charnwood. Toen de boogschutters echter However, when the archers

vernamen met wie zij den kampstrijd moesten wagen, zagen ruim twintig learned with whom they should venture the camp battle, saw over twenty

er weder van af, om de schande van een bijna zekere nederlaag te off again, to the shame of an almost certain defeat

ontgaan. eluded. Want in die dagen was de behendigheid van iederen beroemden For in those days the dexterity of every famous

schutter even goed verscheidene mijlen in het rond bekend, als heden shooter as well known several miles around, as today

ten dage de eigenschappen van een paard, dat te Newmarket gefokt is, today the characteristics of a horse bred at Newmarket,

bekend zijn aan hen, die deze beroemde renbaan bezoeken. are known to those, who visit this famous racetrack.

De verminderde lijst der mededingers om den prijs, bevatte nog The reduced list of contenders for the prize, still included

acht namen. eight names. Prins Jan stapte van zijn koninklijken zetel af, om deze Prince John stepped down from his royal seat, to this

uitgelezen schutters van naderbij te beschouwen, van welke verscheidene select archers from closer view, of which several

de koninklijke livrei droegen. wore the royal livery. Zijn nieuwsgierigheid door dit onderzoek His curiosity through this research

bevredigd hebbende, zag hij naar het voorwerp van zijn toorn rond, satisfied, he looked around at the object of his wrath,

dat hij op dezelfde plaats zag staan en met hetzelfde bedaarde gelaat, that he saw standing in the same place and with the same subdued countenance,

dat hij den vorigen dag getoond had. that he had shown the previous day.

"Vriend," zei Prins Jan, "ik bespeurde reeds gisteren aan uw "Friend," said Prince John, "I sensed already yesterday from your onbeschaamd gesnap, dat gij eigenlijk geen echte liefhebber van den impertinent sneer, that thou art not actually a true lover of the

boog waart, en ik zie, dat gij het niet durft wagen uwe kunst te bow wherefore, and I see, that thou dost not dare thy art to

toonen tegen de fiksche mannen, die hier staan." show against the hefty men standing here." "Met verlof, mijn Vorst!" "On leave, my Sovereign!" hernam de schutter. resumed the gunman. "Ik heb een geheel "I have a whole andere reden om niet te willen schieten, dan vrees voor de schande other reason for not wanting to shoot, other than fear of the disgrace

van overwonnen te worden." Of being overcome." "En welke is die andere reden?" "And what is that other reason?" vroeg Prins Jan, die, om de eene of asked Prince John, who, for one reason or another

andere oorzaak, welke hij mogelijk zelf niet had kunnen verklaren, other cause, which he might not have been able to explain himself,

een angstige nieuwsgierigheid ten opzichte van dezen man gevoelde. felt an anxious curiosity toward this man.

"Omdat ik niet weet," hernam de jager, "of deze schutters en ik gewoon "Because I don't know," resumed the hunter, "whether these gunmen and I are simply zijn naar hetzelfde wit te schieten;--en te meer, daar ik niet weet, Are to shoot to the same white;--and all the more, since I do not know,

hoe uw Hoogheid het zou opnemen, wanneer een derde prijs door iemand how your Highness would take it, when a third prize was awarded by someone

gewonnen werd, die buiten zijn schuld bij u in ongenade gevallen is." won, who has fallen into disgrace with you through no fault of his own." Prins Jan kleurde, terwijl hij vroeg: "Hoe is uw naam, schutter?" Prince John colored as he asked, "What is your name, archer?" "Locksley," antwoordde deze. "Locksley," this one replied. "Welaan dan, Locksley," zei Prins Jan, "gij zult op uwe beurt schieten, "Well then, Locksley," said Prince John, "thou shalt shoot in thy turn, als deze schutters hunne kunst getoond hebben. as these archers displayed their art. Als gij den prijs wint, If ye win the prize,

zal ik er twintig _Nobles_ bij doen; maar als gij verliest, dan zal will I add twenty _Nobles_; but if ye lose, then will

uw groene rok u worden uitgetrokken, en gij zult met boogpezen, als thy green skirt be taken off thee, and thou shalt with bowstrings, as

een praatzieke en onbeschaamde pochhans, in het strijdperk gegeeseld a talkative and insolent boastful, battle-scarred

worden." become." "En als ik nu weigerde zulke voorwaarden aan te nemen?" "What if I refused to accept such terms?" zei de said the

schutter. shooter. "Uwe Hoogheid kan mij gemakkelijk laten uitkleeden en "Your Highness can easily have me undressed and geeselen, daar uwe macht door zoo vele gewapenden wordt ondersteund; geeselen, since your power is supported by so many armed people;

maar gij kunt mij niet dwingen mijn boog te spannen." but thou canst not force me to strain my bow." "Als gij mijn billijk aanbod afslaat," zei de Prins, "dan zal de "If you turn down my fair offer," said the Prince, "then the Provoost van het strijdperk uw boogpees doorsnijden, uw boog en uw Provost of the battlefield cut your bowstring, your bow and your

pijlen breken, en u zelven als een lafaard wegjagen." break arrows, and drive away thyself like a coward." "Dat is een mooie kans, die gij mij overlaat, verhevene Prins," zei de "That is a fine opportunity thou leavest me, exalted Prince," said the schutter, "mij te dwingen, het tegen de beste schutters van Leicester archer, "forcing me to do it against the best archers of Leicester en Staffordshire op te nemen, onder bedreiging van schimp en schande and Staffordshire to include, under threat of jeers and shame

als zij mij overwinnen. If they overcome me. Evenwel, ik zal aan uw bevel gehoorzamen." Even so, I will obey your command." "Slaat hem nauwkeurig gade," zei Prins Jan tot de gewapenden, "Watch him closely," Prince John said to the armed, "de moed ontzinkt hem; ik vrees dat hij trachten zal aan de proef "the courage escapes him; I fear he will try to the test te ontsnappen.--En gij, brave jongens, schiet moedig; een reebok escape.--And ye, good boys, shoot boldly; a roebuck

en een vat wijn zijn in gindsche tent ter uwer verversching gereed, And a barrel of wine are ready in yonder tent for your refreshment,

zoodra de prijs gewonnen is." as soon as the prize is won." Aan het einde van de zuidelijke laan, die naar het strijdperk At the end of the southern avenue leading to the battlefield

leidde, werd een schijf opgericht. led, a disc was established. De mededingende boogschutters The competing archers

namen beurtelings plaats aan den zuidelijken toegang; de afstand took turns at the southern entrance; the distance

tusschen deze plaats en het wit was groot genoeg voor hetgeen men between this place and the white was large enough for what was being

een jagersschot noemde. called a hunter's shot. De schutters, na vooraf door het lot de The shooters, having previously been assigned by lot the

orde, in welke zij schieten zouden, bepaald te hebben, moesten ieder order in which they were to shoot, each

drie pijlen achtereen afschieten. shooting three arrows in a row. Dit alles werd geregeld door een All of this was arranged by a

officier van minderen rang: de Provoost der Spelen genoemd; want officer of lesser rank: called the Provost of the Games; for

de hooge rang der maarschalken van het strijdperk gedoogde niet, the high rank of the marshals of the battlefield did not tolerate,

dat zij het opzicht hadden over de spelen der burgers. That they had oversight of the citizens' games.

De schutters, voorwaarts tredende, schoten hunne pijlen stout en flink, The archers, stepping forward, shot their arrows boldly and vigorously,

één voor één af. one by one. Van vierentwintig pijlen zaten tien in de schijf, Of twenty-four arrows, ten were in the disc,

en de anderen vielen zoo dicht er bij, dat, naar den afstand te and the others fell so close to it that, according to the distance to

rekenen, het voor goede schoten gelden konden. count, it could count for good shots. Van de tien pijlen, Of the ten arrows,

die de schijf getroffen hadden, waren twee in den binnensten ring which had struck the disk were two in the inner ring

geschoten door Hubert, een houtvester in dienst van Malvoisin, die shot by Hubert, a woodsman in the service of Malvoisin, who was

dus als overwinnaar uitgeroepen werd. was thus declared the victor.

"Wel nu, Locksley," zei Prins Jan met een bitteren glimlach tot den "Well now, Locksley," Prince John said with a bitter smile to the gehaten schutter, "wilt gij het met Hubert opnemen, of boog, sjerp hated archer, "wilt thou take up with Hubert, or bow, sash en pijlkoker aan den Provoost der Spelen overgeven?" and quiver to the Provost of the Games?" "Daar het niet anders kan," hernam Locksley, "wil ik mijn geluk wel "Since there is no other way," Locksley resumed, "I do want to push my luck beproeven, onder voorwaarde, dat wanneer ik twee pijlen op dezelfde try, under the condition, that when I have two arrows on the same

schijf als Hubert geschoten heb, hij gehouden zal zijn er één te disk if Hubert has shot, he will be held to one

schieten op een wit, dat ik zal aanwijzen." shoot at a white, which I will designate." "Dat is niet meer dan billijk," antwoordde Prins Jan, "en het zal "That is only fair," Prince John replied, "and it will u niet geweigerd worden.--Als gij dien snoever overwint, Hubert, you will not be denied.--If thou conquerest that cutter, Hubert,

zal ik den horen met zilveren penningen voor u vullen." I will fill the hear with silver pennies for you." "Een man kan niet meer dan zijn best doen," hernam Hubert; "maar "A man can do no more than his best," Hubert reiterated; "but mijn grootvader voerde een goeden boog bij Hastings, en ik vertrouw, my grandfather conducted a good arc at Hastings, and I trust,

dat ik zijne nagedachtenis niet zal onteeren." That I will not dishonor his memory." De vorige schijf werd weggenomen, en een andere van dezelfde grootte The previous disk was removed, and another of the same size

opgezet. set up. Hubert, die als overwinnaar in den eersten strijd, het recht Hubert, who as victor in the first battle, the right

had, het eerst te schieten, mikte met groote bedaardheid, den afstand had, to shoot first, aimed with great composure, the distance

lang met de oogen metende; terwijl hij zijn gespannen boog in de measuring with his eyes for a long time; while he held his taut bow in the

hand hield, met den pijl op het koord geplaatst. hand held, with the arrow placed on the string. Eindelijk deed hij At last he did

een schrede voorwaarts, en den boog met den uitgestrekten linkerarm a stride forward, and the bow with the outstretched left arm

oplichtende, tot het middelpunt er van bijna op gelijke hoogte met lighting up, until the center of it is almost on par with

zijn gezicht kwam, trok hij de pees van den boog tot aan het oor. his face, he pulled the bowstring of the bow up to the ear. De The

pijl snorde door de lucht, en trof den binnensten ring op de schijf, arrow snorted through the air, striking the inner ring on the disk,

maar niet juist in het midden. but not right in the middle.

"Gij hebt aan den wind niet gedacht, Hubert," zei zijn tegenpartij, "Thou hast not thought of the wind, Hubert," said his counterpart, den boog spannende, "anders zou het een beter schot geweest zijn." the bow exciting, "otherwise it would have been a better shot." Dit zeggende, en zonder zich de minste moeite te geven om vooraf op Saying this, and without giving themselves the slightest effort to be upfront on

het wit te staren, ging Locksley naar de aangewezen standplaats, en staring at the white, Locksley went to the designated pitch, and

schoot zijn pijl even zorgeloos af, alsof hij niet eens naar het wit fired his arrow just as carefree, as if he didn't even look at the white

gezien had. had seen. Hij sprak nog bijna op het oogenblik, dat de pijl wegvloog, He was still speaking almost at the moment the arrow flew away,

en toch trof die twee duim dichter bij de witte plek op het middelpunt, and yet those two inches struck closer to the white spot on the center point,

dan die van Hubert. than Hubert's.

"Bij het licht des hemels!" "By the light of heaven!" riep Prins Jan tegen Hubert, "zoo gij cried Prince John to Hubert, "if thou art duldt, dat deze landlooper u de loef afsteekt, dan verdient gij tolerate, that this landlooper should give you the runaround, then thou deserves

de galg!" the gallows!" Hubert had maar ééne vaste spreekwijze bij alle gelegenheden. Hubert had only one fixed way of speaking on all occasions. "En al "And already liet uw Hoogheid mij ophangen, een man kan niet meer dan zijn best had your Highness hang me, a man can do no more than his best

doen. do. Echter was mijn grootvader met den boog--" However, my grandfather was with the bow--" "De duivel hale uw grootvader en zijn geheele geslacht!" "The devil hale your grandfather and his entire lineage!" viel de fell the

Prins hem in de rede. Prince interrupted him. "Schiet, ongelukkige, en schiet goed, of het "Shoot, unfortunate one, and shoot well, or the zal u kwalijk bekomen!" will come to you badly!" Zoo aangespoord, trad Hubert weder voor, en den raad niet verzuimende, Thus urged, Hubert again stepped forward, not neglecting the advice,

dien zijne tegenpartij hem had gegeven, maakte hij het noodige gebruik which his counterpart had given him, he made the necessary use

van een zeer licht opkomend windje, en schoot zoo gelukkig, dat zijn from a very light rising breeze, and shot so happily, that his

pijl juist in het middelpunt van het wit trof. arrow struck right at the center of the white.

"Hubert leve! "Hubert leve! Leve Hubert!" Long live Hubert!" riep het volk, dat meer belang stelde cried the people, who were more interested

in een bekende dan in een vreemdeling. In a familiar than in a stranger. "In het midden!--in het "In the middle!--in the midden! middle! Leve Hubert!" Long live Hubert!" "Gij kunt dat schot niet overtreffen, Locksley," zei de Prins met "Thou canst not top that shot, Locksley," said the Prince with een spotachtigen glimlach. a mocking smile.

"Ik zal echter zijn pijl raken," hervatte Locksley. "I will, however, hit his arrow," Locksley resumed. En zijn pijl met And his arrow with

meer voorzichtigheid dan te voren afschietende, trof hij juist dien firing more cautiously than before, he encountered precisely this

van zijn mededinger, die in splinters vloog. of his contender, which flew into splinters. Het volk in het rond was The people around were

zoo verbaasd over zijne verwonderlijke behendigheid, dat het zijne so amazed at his astonishing agility, that it was his

verrassing zelfs niet op de gewone luidruchtige wijze kon uitdrukken. surprise could not express even in the usual noisy way.

"Dit moet de duivel zijn en geen mensch van vleesch en bloed," "This must be the devil and not a man of flesh and blood," he said. fluisterden de schutters elkander toe. the gunmen whispered to each other. "Zulk schieten is nog nooit "Such shooting has never been gezien, zoo lang men een boog in Groot-Brittanje gespannen heeft." seen as long as one has stretched a bow in Britain." "En nu," zei Locksley, "vraag ik uwe Hoogheid verlof om een wit op "And now," said Locksley, "I ask your Excellency's leave to make a white op te richten, dat in de noordelijke gewesten gebruikt wordt,--en welkom address, used in the northern regions,--and welcome

ieder brave schutter, die er een schot op wagen wil, om een glimlach any brave shooter, who wants to take a shot at it, to get a smile

te verdienen van het meisje dat hij lief heeft!" earn from the girl he loves!" Hij draaide zich om, ten einde het strijdperk te verlaten. He turned to leave the battlefield. "Laten uw "Let your wachters mij vergezellen," zei hij, "zoo gij verkiest.--Ik wil maar guards accompany me," he said, "if you choose.--I only wish to even een tak van gindschen wilgenboom afsnijden." just cut a branch from yonder willow tree." Prins Jan gaf een teeken, dat eenige wachters hem volgen Prince John gave a sign for some guards to follow him

zouden, ingeval hij ontsnappen wilde; maar het geschreeuw van: would, in case he wanted to escape; but the cries of:

"Schande! "Shame! Schande!" Shame!" dat de menigte verhief, deed hem van zijn that raised the crowd, made him fall from his

onedelmoedig voornemen afzien. unrepentant resolve.

Locksley kwam dadelijk terug met een wilgentak omtrent zes voet lang, Locksley immediately returned with a willow branch about six feet long,

volkomen recht en van de dikte van eens menschen duim. perfectly straight and of the thickness of one man's thumb. Hij schilde dien He peeled his

met veel bedaardheid af, tegelijk aanmerkende, dat het schande voor with much composure, at the same time noting, that it was shameful for

een goeden schutter was, naar een wit te schieten zoo breed als dat, was a good shot, to shoot at a white as wide as that,

hetwelk men tot hiertoe gebruikt had. which had been used until now. "Wat hem betrof," voegde hij er "As for him," he added bij, "en in het land, waar hij was opgevoed, zou men even gaarne Koning at, "and in the country, where he was raised, one would have been just as happy to have King Arthurs ronde tafel, waaraan zestig ridders konden zitten, tot schijf Arthur's round table, at which sixty knights could sit, to disk

nemen. take. Een kind van zeven jaren kon zoo iets met een pijl zonder kop A child of seven years could so something with a headless arrow

treffen; maar," ging hij voort, bedaard naar het andere einde van het meet; but," he continued, calmly moving to the other end of the strijdperk gaande, en het wilgenstokje recht in den grond zettende, battleground going, and putting the willow stick straight into the ground,

"hem, die deze roede op honderd ellen afstands treft, noem ik een schutter, waardig om boog en pijlkoker te dragen voor een Koning,

al ware het ook de dappere Koning Richard zelf!" even if it were the brave King Richard himself!" "Mijn grootvader," zei Hubert, "spande een goeden boog bij den slag "My grandfather," said Hubert, "stretched a good bow at the battle van Hastings, en heeft nooit van zijn leven naar zulk wit geschoten, of Hastings, and never shot to such white in his life,

en dat doe ik ook niet. And I don't. Als deze schutter dien stok kan klieven, dan If this shooter can cleave that stick, then

beken ik mij door hem, of liever door den duivel, die in zijn wambuis I confess myself by him, or rather by the devil, who in his doublet

zit, en niet door menschelijke behendigheid, overwonnen; een mensch kan zit, and not by human dexterity, overcome; a human being can

niet meer dan zijn best doen, en ik wil niet schieten, waar ik zeker not do more than his best, and I don't want to shoot, where I am sure

ben te missen. am to miss. Ik kon even goed schieten naar de snede van het lange For a moment I was able to get a good shot at the cut of the long

mes van den Pastoor, of naar een stroohalm, of naar een zonnestraal, Pastor's knife, or to a straw palm, or to a ray of sunshine,

als naar een dunne witte streep, die ik nauwelijks zien kan." as to a thin white line, which I can barely see." "Lafhartige hond!" "Cowardly dog!" riep Prins Jan uit. exclaimed Prince John. "Locksley, schiet gij maar; "Locksley, shoot ye; en als gij zulk een wit raakt, dan zal ik zeggen, dat gij de eerste and if ye touch such a white, I will say, that ye are the first

schutter zijt, die het ooit gedaan heeft. shooter be who ever did it. Maar hoe het ook zij, But be that as it may,

gij zult geen koning kraaien door slechts te pochen op behendigheid." thou shalt not crow a king by merely boasting of agility." "Ik zal mijn best doen, zooals Hubert zegt," antwoordde Locksley; "I will do my best, as Hubert says," Locksley replied; "niemand kan meer." "No one can do more." Dit zeggende, spande hij weder den boog, maar bij deze gelegenheid Saying this, he again cocked the bow, but on this occasion

zag hij aandachtig naar zijn wapen en veranderde de pees, die niet he looked intently at his weapon and changed the tendon, which did not

meer zuiver rond was, daar zij door de twee vorige schoten een weinig was more purely round, since she was a little

gescheurd was. was torn. Hij mikte toen met eenig overleg, en de menigte wachtte He then took aim with some deliberation, and the crowd waited

de uitkomst in doodelijke stilte af. awaiting the outcome in deadly silence. De schutter beantwoordde aan hun The shooter responded to their

verwachting van zijn behendigheid: zijn pijl spleet de wilgenroede, expectation of his agility: his arrow split the willow rod,

tegen welke hij gericht was. against which he was directed. Een luid vreugdegejuich volgde, en zelfs A loud cheer of joy followed, and even

Prins Jan verloor uit bewondering voor Locksley's behendigheid zijn Prince John, out of admiration for Locksley's agility, lost his afkeer tegen zijn persoon. aversion to his person.

"Deze twintig _Nobles_," zei hij, "welke gij met den hoorn eerlijk "These twenty _Nobles_," he said, "which thou with the horn honest gewonnen hebt, behooren u toe; wij zullen er vijftig van maken, won, belong to you; we will make fifty of them,

zoo gij onze livrei wilt dragen, en dienst nemen als schutter bij if thou wilt wear our livery, and serve as a gunner at

de lijfwacht, die steeds in mijne onmiddellijke nabijheid is. The bodyguard, who is always in my immediate vicinity. Want Because

nooit heeft een zoo sterke hand een boog gespannen, of een zoo vast Never has so strong a hand stretched a bow, or so firm a

oog een pijl gericht." eye an arrow aimed." "Vergeef mij, edele Prins," zei Locksley; "maar ik heb een gelofte "Forgive me, noble Prince," said Locksley; "but I have a vow gedaan, dat, zoo ik ooit dienst nam, het bij uw koninklijken broeder done, that, should I ever enlist, it would be with your royal brother

Richard zou zijn. Richard would be. Deze twintig _Nobles_ laat ik aan Hubert over, These twenty _Nobles_ I leave to Hubert,

die heden een even goeden boog gespannen heeft, als zijn grootvader who today has stretched as good a bow as his grandfather

bij Hastings. at Hastings. Zoo zijne zedigheid de proef niet geweigerd had, zou If only his morality had not refused the test, would

hij het stokje even goed geraakt hebben, als ik." he hit the baton as well as I did." Hubert schudde het hoofd, terwijl hij de milde gave van den vreemdeling Hubert shook his head, noting the stranger's generous gift of

aarzelend aannam; en Locksley, begeerig om verdere nasporing te hesitantly accepted; and Locksley, desirous of further inquiry

ontgaan, begaf zich onder de menigte, en liet zich niet meer zien. escaped, went among the crowd, and did not show himself again.

De zegepralende boogschutter zou misschien niet zoo gemakkelijk aan The triumphant archer might not have been so easy to

des Prinsen opmerkzaamheid ontsnapt zijn, indien niet vele angstige have escaped the Prince's notice, if not many anxious

en gewichtige overdenkingen op dit oogenblik zijn gemoed verontrust and weighty reflections at this time troubled his mind

hadden. had. Hij riep zijn kamerheer, terwijl hij het teeken tot het He called his chamberlain, as he made the sign to the

verlaten van het strijdperk gaf, en beval hem oogenblikkelijk naar leaving the battlefield gave, and ordered him at once to

Ashby te jagen en den Jood Izaäk op te zoeken. Ashby to hunt and seek out the Jew Isaac. "Zeg den hond," zei hij, "Tell the dog," he said, "mij morgen vóór zonsondergang twee duizend kronen te zenden. "To send me two thousand crowns before sunset tomorrow. Hij kent He knows

het onderpand; maar gij kunt hem dezen ring tot teeken toonen. The pledge; but you can show him this ring token. Het The

overige geld moet binnen zes dagen te York betaald worden. Other money must be paid within six days to York. Indien hij If he

het verzuimt, zal ik den ongeloovigen hond het hoofd laten afslaan. it fails, I will have the unbelieving dog's head cut off. Pas Pass

op, dat gij hem onderweg niet voorbijrijdt; want de ellendige slaaf was on, that thou pass not by him on the way; for the wretched slave was

hier, om zijn gestolen rijkdommen zelfs onder mijn oogen te vertoonen." here, to display his stolen wealth even before my eyes." Met deze woorden steeg de Prins weder te paard, en keerde naar Ashby With these words, the Prince again mounted his horse, and returned to Ashby

terug, terwijl de geheele menigte bij zijn vertrek uiteen ging en back, while the entire crowd dispersed upon his departure and

zich overal verspreidde. spread everywhere.