×

우리는 LingQ를 개선하기 위해서 쿠키를 사용합니다. 사이트를 방문함으로써 당신은 동의합니다 쿠키 정책.

image

Dutchies to be, GROCERY SHOPPING in DUTCH // Boodschappen doen // Dutch for BEGINNERS les 21 (NT2 - A1)

Ja, kom er even bij!

De Hollandse aardbeien, we hebben ze nog!

Twee dozen voor 3,50, kom er even bij!

Hi, goeiedag! Dutchies to be :)

Vandaag leer ik jullie vocabulaire en zinnen die je kunt gebruiken als je boodschappen gaat doen.

En boodschappen doen is dat je dingen koopt voor het dagelijks leven.

Dus: dingen die je eet en drinkt, of misschien wc-papier, of bloemen: dit zijn boodschappen.

Afgelopen zaterdag ging ik naar de markt in Delft

en mijn vriend heeft mij gefilmd terwijl ik dingen aan het kopen was

zodat jullie dus in het echt horen hoe dat ging.

En helaas waren er problemen met mijn microfoon.

Dus soms was opeens het geluid weg. En thuis kwam ik daar (pas) achter.

En dus zijn er een aantal scenes die ik niet kon gebruiken

maar drie heb ik heel kort met een voice-over toch in deze video geplakt

en ik heb direct mijn microfoon opgestuurd ter reparatie.

Straks zie je dus mij op de markt

en aan het eind van de video herhaal ik nog kort de belangrijke zinnen

die ik en de verkopers hebben gebruikt

en leer ik jullie er nog een paar.

Ik maak een lijstje; een boodschappenlijstje, want ik moet boodschappen doen.

Dus ik ga zo naar de markt en ik neem mijn lijstje mee.

Mooi weertje! Lekker!

Welkom op de markt van Delft!

Zullen we eerst groenten en fruit kopen?

Ja, "komt" er even bij!

De Hollandse aardbeien, we hebben ze nog!

Twee dozen (voor) 3,50, "komt" er even bij!

Nou hier stond opeens mijn microfoon uit

maar ik sta hier bij de groentekraam om groenten en fruit te kopen.

Oké, ik ga jullie ook andere kraampjes laten zien.

Dat, daar: dit is toch frietkraam mijn favoriete kraam!

Dit is de bloemenkraam, we gaan straks bloemen kopen.

Of misschien nu meteen.

- "Goedemiddag, kan ik u helpen?"

- "Ja, verkoopt u tulpen?"

- "Nee, die hebben we op dit moment niet".

- "Wat zijn dit voor bloemen?" - "Dat zijn rozen."

- "Ok, hoeveel kosten deze?"

- "De rozen zijn 6,50 een bosje".

- "Ok, mag ik 1 bosje alstublieft?" - "Ja, natuurlijk mag je dat."

- "Is het voor uzelf, of is het een cadeautje?"

- "Het is voor mezelf."

- "Dan wordt 'ie 6,50 alstublieft."

- "Wilt u dat ik contant betaal, of dat ik pin?"

- "Wat u wilt" - "Wat ik wil... Dan pinnen graag!"

- "Hij heeft het gedaan, wilt u de bon nog?" - "Ja graag."

- "Dan ga ik hem er even af halen."

- "Kijkt u eens, alsjeblieft!"

"Hartstikke bedankt, fijn weekend!"

Hier waren er ook weer problemen met de microfoon

maar hier zie je de stroopwafelkraam en hier zie je mij bij de broodkraam.

- "Wie mag ik helpen?" - "Ja, mij graag!"

- "U wilt Libanees brood?"

- "Ja, welke olijven? Welke?" - "Welke olijven wilt u?"

- "Die? Daar achter?" - "Ja precies."

- "Hoeveel wilt u?"

- "Een ons alstublieft, of naja, 2 ons."

- "Dit is 80, twee ons?" - "Ja, 2 ons."

- "215, is dat goed?" - "Jahoor, is goed."

- "Anders nog iets?"

- "Ja, welke van die spreads zijn vegan?"

- "Sowieso de hummus, naturel."

- "Mag ik 100 gram van deze (hiervan) alstublieft?"

- "Anders nog iets?" - "Dat was het."

- "Wilt u er een tasje bij?" - "Ja, graag."

- "Hier is uw bestelling, alstublieft." - "Ja, dank u wel."

- "Pinnen of contant? Het is 10,75."

- "Pinnen graag."

- "Als die piept, dan hebben we geluk. Ja we hebben geluk!

"Wilt u het bonnetje?" - "Ja graag."

- "Hier is de pinbon en die van wat u besteld hebt." - "Ok, super!"

- "Alstublieft. Tot ziens, doei doei!" - "Bedankt! Fijn weekend!"

Nou, ik heb al mijn boodschappen en dan gaan we nu naar huis.

Zoals jullie zagen heb ik: bloemen, Libanees brood, hummus en olijven gekocht.

En ik heb ook een doosje aardbeien, een zakje tomaatjes en zes avocado's gekocht

maar dat was toen de microfoon uit stond.

En ik en de verkopers hebben de volgende belangrijke zinnen gebruikt:

Eerst vroeg de verkoopster van de bloemenkraam aan mij:

"Mevrouw, kan ik u helpen?"

En ik zei: "Ja, verkoopt u tulpen?"

Dus je kunt vragen "verkoopt u..."

of: "ik wil graag...", of "mag ik...?"

"Verkoopt u tulpen" / "ik wil graag tulpen" / "mag ik tulpen"

dus dat zijn manieren om iets te vragen.

Daarna wees ik naar de bloemen en ik vroeg: "Wat zijn dit?"

Dus als je wilt weten wat iets is kunnen zeggen: "wat is dit" of "wat zijn dit?"

Ik vroeg ook: "Hoeveel kosten de bloemen?"

Als je wilt weten wat de prijs is vraag je:

"hoeveel kost...?" of "hoeveel kosten...?"

Daarna zei ze: "Dan wordt 'ie 6 euro 50 ."

Of de verkoper kan zeggen: "Dat is dan 6 euro 50."

"Het kost 6 euro 50."

Dus dat is wat je dan moet betalen.

Daarna ging ik pinnen, dus ik betaalde met mijn pinpas

en de vrouw vroeg aan mij: "Wilt u de bon?"

Ik zei: "ja graag".

Maar als je geen bon wilt kun je zeggen: "Nee dank u wel."

Daarna gaf de vrouw de bloemen aan mij

en ze zei: "Alstublieft! Een fijn weekend!"

En ik zei: "Dank u wel! Ook een fijn weekend! Tot ziens!"

Daarna was ik bij de kraam met allerlei lekkernijen uit het Midden-Oosten

en de verkoper vroeg: "Wie mag ik helpen?"

Hij wist nog niet wie er aan de beurt was, dus zei hij: "Wie mag ik helpen?"

En vaak zeggen verkopers ook: "Wie is er aan de beurt?"

Ik! Het was mijn beurt. Ik was aan de beurt.

Dus ik zei: "Ik wil graag Libanees brood."

Wat ook kan is dat je zegt: "Doe mij maar Libanees brood."

Dus dat kan ook.

Daarna wilde ik ook graag olijven en de verkoper vroeg aan mij: "Hoeveel wilt u?"

Of soms vragen ze: "Hoeveel mag het zijn?"

Nou als antwoord gaf ik "twee ons". Of je kunt zeggen: een pond, een kilo, een bakje of 3 stuks.

Dus je zegt hoeveel je wilt van iets. En dat kan op deze manieren.

Daarna vroeg hij: "Anders nog iets?"

Of wat ze ook soms zeggen: "Verder nog iets?"

En ik zei: "Ja, hebt u ook vegan spread?"

Daarna vroeg hij nog een keer: "Anders nog iets?"

En ik zei: "Nee, dat was het."

Hij vroeg ook: "Wilt u er een tasje bij?"

En ik zei: "Nee dank u wel, ik hoef er geen tasje bij"

ik had namelijk mijn eigen boodschappentas bij me.

Als laatste vroeg hij: "Wilt u pinnen of contant betalen?"

En ik wilde pinnen dus ik zei: "Pinnen graag."

Dat was het. Toen ging ik naar huis.

Nog drie andere zinnen die je ook kunt gebruiken - bijvoorbeeld in de supermarkt

"Kunt u mij helpen?" / "Mag ik iets vragen?"

"Waar is het brood?"

"Waar LIGGEN de nootjes?"

Of: "Waar STAAT het bier?"

Dus dat is ook nog iets anders wat je kunt gebruiken.

Dat was het voor vandaag.

Als je wilt kun je deze dialoog van de video downloaden.

Er staat een link in de beschrijving.

Deze video hoort ook bij les 21 van de beginnerscursus.

En in de beginnerscursus staat nog een extra dialoog met een podcast

en met twee uitgebreide lijsten om de vocabulaire voor groenten en fruit te leren.

En in de online beginnerscursus staan nog veel veel veel veel meer lessen

en je kan dus nog veel meer oefenen en veel meer Nederlands leren

als je je daar voor aanmeldt.

Dan ben ik nog benieuwd wat jij voor boodschappen gaat doen vandaag.

Schrijf een kort boodschappenlijstje in de reacties, als je wilt.

En als je deze video leuk vond geef het dan een LIKE!

En dan zie ik jullie in de volgende video.

Oké doei! Dag!

"En ik neem mijn boodschappentas mee..."

Nee... dit is geen boodschappentas! Heb jij een boodschappentas?

Ik neem mijn boodschappentas mee...

en.... ja

Mijn vriend om te betalen!

Learn languages from TV shows, movies, news, articles and more! Try LingQ for FREE