Goedenavond.
Wat zal het zijn?
Een biertje graag.
En wat wilt u hebben?
Oh, ik wil ook graag een biertje.
Het is druk in de bar.
Ja.
Het is een sport bar.
Ja.
Er is een voetbalwedstrijd op televisie.
Hou je van sport?
Ik houd ervan om te sporten, maar ik hou er niet van om naar sport te kijken.
Van welke sporten hou je?
Ik hou van voetbal en van skiën.
Hoe vaak ga je skiën?
Ik ga elk weekend skiën.
Waar ga je skiën?
Ik ga normaal hier in de bergen skiën.
Weet je, het is tijd om te gaan eten.
OK, we gaan.