×

Utilizziamo i cookies per contribuire a migliorare LingQ. Visitando il sito, acconsenti alla nostra politica dei cookie.

LingQ Mini Stories, 44 - Martin woont alleen in een klein a… – Text to read

LingQ Mini Stories, 44 - Martin woont alleen in een klein appartement

Principiante 2 di olandese lesson to practice reading

Inizia a seguire questa lezione ora

A) Martin woont alleen in een klein appartement.

Hij moet alleen het huishouden doen.

Maar hij werkt veel, dus heeft hij nooit tijd om op te ruimen.

Zijn was en afwas zijn altijd vies.

Vandaag probeert hij zich aan te kleden voor zijn werk.

Maar hij heeft geen schone sokken.

Hij heeft even de tijd voordat zijn werk begint.

Hij kan ze proberen te wassen.

Hij realiseert zich dat als hij voor zijn werk naar de winkel gaat, hij nieuwe sokken kan kopen.

In plaats daarvan besluit hij om na zijn werk al zijn kleren te wassen.

B) Ik woonde alleen in een klein appartement.

Ik moest alleen het huishouden doen.

Maar ik werkte veel, dus had ik nooit tijd om op te ruimen.

Mijn was en afwas waren altijd vies.

Vanochtend probeerde ik me aan te kleden voor mijn werk.

Maar ik had geen schone sokken.

Ik had even de tijd voordat mijn werk begon.

Ik kon ze proberen te wassen.

Ik realiseerde me dat als ik voor mijn werk naar de winkel zou gaan, ik nieuwe sokken kon kopen.

In plaats daarvan besloot ik om na mijn werk al mijn kleren te wassen.

Vragen:

Een : Martin woont alleen in een klein appartement.

Woont Martin samen?

Nee, Martin woont niet samen.

Hij woont alleen in een klein appartement.

Twee : Martin heeft nooit tijd om op te ruimen.

Heeft Martin ooit tijd om op te ruimen?

Nee, Martin heeft nooit tijd om op te ruimen.

Drie : Martin probeert zich aan te kleden voor zijn werk.

Wat probeert Martin?

Martin probeert zich aan te kleden voor zijn werk.

Vier : Martin heeft even de tijd voordat zijn werk begint.

Hoeveel tijd heeft Martin voordat zijn werk begint?

Martin heeft even de tijd voordat zijn werk begint.

Vijf : Martin moest alleen het huishouden doen.

Hoeveel moest Martin aan het huishouden doen?

Martin moest alleen het huishouden doen.

Zes : Martins was en afwas waren altijd vies.

Wat was altijd vies?

Martins was en afwas waren altijd vies.

Zeven : Martin had geen schone sokken om aan te trekken naar zijn werk.

Wat had Martin niet?

Hij had geen schone sokken om aan te trekken naar zijn werk.

Acht : Martin overwoog om voor zijn werk naar de winkel te gaan.

Wanneer overwoog Martin om naar de winkel te gaan?

Martin overwoog om voor zijn werk naar de winkel te gaan.

Learn languages from TV shows, movies, news, articles and more! Try LingQ for FREE