Is dat je vriendin?
Ja, dat is mijn vriendin.
Hoe heet ze?
Ze heet Marie.
Is dat haar boek?
Nee, dat is mijn boek.
Het is van mij.
Ik dacht dat het van jou was.
Er zijn nog meer boeken hier.
Van wie zijn die?
Dat zijn onze boeken, van mij en van mijn zus.