Ontkenning - niet
Ontkenning - het gebruik van het woord: niet.
Hoe ontken je iets in een zin: een manier is om het woord niet te gebruiken.
De lerares is boos maar zijn moeder is niet boos.
Ik wil slapen maar mijn broer wil niet slapen.
Ik ga naar school maar mijn oma gaat natuurlijk niet meer naar school.
Ik ben naar school geweest maar mijn zusje is niet naar school geweest.
Ben je naar school geweest?
Je bent zeker niet bij het postkantoor langs gegaan?
Wil je hier op de bank slapen, en wil je niet in je eigen bed slapen?
Dat heb je toch niet gedaan? Heb je dat gedaan?