来自LingQ课程库的示例
- wel gauw achter komen; in het water moet het, al zou
- Plof! daar sprong zij in het water. «Kwak, kwak!» zeide zij
- en allen waren zij in het water; zelfs het lelijke, grauwe
- zulk een lust om in het water te zwemmen, dat het
- het is zo prettig, in het water te zwemmen,» zei het
- hij er van houdt, in het water te zwemmen of onder
- dan heen; het zwom in het water, het dook met zijn
- zich als een tol in het water rond, strekte zijn kop
- koud. Het eendje moest in het water rondzwemmen om te maken
- lange, groene takken tot in het water neerbogen. O, hier was
- vleugels en zwommen fier in het water. Het eendje kende die
