Examples from the LingQ library
- je? Ik ben Jan. Hoe heet jij? Ik ben Marie
- Hallo, ik ben Anna. Hoe heet jij? Carlos Riviera. Waar woon
- Vredestraat 90, in oostende. Hoe heet jij? Ik ben Fuat Bennala
- Martin niet. Hallo. Hoi. Hoe heet jij? Ik ben Martin. En
- heel aardig', zegt Lars. Hoe heet jij? Ik ben Soliman. Ik
- Hoi, ik heet Kim." "Hoe heet jij?" "Mijn katten heten Nala

